beelden van het Dordt openingsconcert
RTV Dordrecht maakte opnames van het openingsconcert. De video kunt u hier bekijken.
in Muziek
RTV Dordrecht maakte opnames van het openingsconcert. De video kunt u hier bekijken.
in Muziek
Het Openingsconcert van het festival vindt plaats op 25 mei. Pieter Wispelweij, Nederlands bekendste cellist, zal samen met het Groot Vlaams Radiokoor en stadsorganist Cor Ardesch een gevarieerd programma, variërend van Johann Sebastian Bach tot Arvo Pärt, ten gehore brengen.
Vrienden van de Grote Kerk kunnen vanaf nu kaarten voor het openingsconcert tegen gereduceerd tarief bestellen.
openingsconcert | donderdag 25 mei 20:00h € 27.50 per persoon* (standaard tarief) € 15.00 per persoon* (last-minute korting) kaartverkoop (gereduceerd tarief)** |
|
slotconcert | zaterdag 27 mei; 20:00h € 20.00 per persoon* |
|
nadere informatie | dordtincello.nl |
* | genoemde prijzen zijn exclusief servicekosten | |
** | om deze pagina te kunnen bezoeken, dient u ingelogd te zijn |
in Muziek
Van 25 tot en met 27 mei vindt de 15e editie van het Dordrechts cellofestival plaats. Deze jubileumeditie is de aanleiding voor een naamsverandering, het festival draagt nu de naam, 'Dordt in Cello'.
Vermaarde cellisten uit binnen- en buitenland bezoeken Dordrecht. Traditionele, klassieke muziek maar ook eigentijdse, hedendaagse muziek zal te horen zijn. Ook zijn er diverse masterclasses voor amateurs en studenten.
openingsconcert | donderdag 25 mei; 20:00h € 27.50 per persoon |
|
slotconcert | zaterdag 27 mei; 20:00h € 20.00 per persoon |
|
nadere informatie en kaartverkoop |
dordtincello.nl |
in Media
De dichter des Vaderlands, Ester Naomi Perquin, schreef voor het NRC op 4 mei 2017 een gedicht. Het gedicht draagt de titel ‘Latere mensen’
Latere mensen
Ze waren er niet toen de grenzen vielen, toen het vuur ’s nachts,
toen kinderen soldaten werden en je in hun ogen zag
hoeveel marcheren op begraven leek.
Toen de ontploffing haast iedereen omhelsde, verduisterende as,
de armen om elkaar geslagen, bezig aan een droom waarin
elk kind nog vleugels had. Niet toen de halve stad
neerkwam en steeds dezelfde namen klonken,
sleets al van vergeefse moeite.
Toen de ratelende tanks met de vierkante mannen, toen de wind
niet meer ging liggen en elke boom, alsof hij weg wilde lopen,
zijn wortels naar boven bewoog. Toen de bliksem kwam,
de kanteling die alles verschoof, het stampen
van laarzen, sprinkhanend geknaag.
Ze kwamen toen alles al was opgeruimd, bijgelegd en
ingekleurd. Toen alles was gemaakt en iedereen
begraven. Er was niemand om te vragen
wat er was gebeurd.
Ze kwamen na de helft. In gouden tijden.
Er was niemand om hen te benijden.
Behalve, af en toe, zijzelf.